,,Ooo, dat mag helemaal niet!” roept Marietje.
,,Wat niet? Van wie niet? Van mij mag alles!” zegt Jakob Donderbaard.
En hij doet rustig verder. Hij schikt stoelen op een omgekeerde tafel.
En hij gooit de prullenmand leeg.
,,Je mag geen troep maken!” roept Marietje weer.
,,Daar doe je mama verdriet mee.”
,,Ik maak geen troep, lieve schat. Zie je soms niet goed.
Zie je niet dat ik een schip bouw?”
Jakob zet de prullenmand boven op de hoogste stoel.
,,Ziezo,” bromt hij. ,,Dat was de prullenmand. Nu is dat de schouw.
En nu allemaal aan boord! Vlug, eer we op drift raken.”
Jan kijkt hem even aan.
Dan zegt hij: ,,Oké schipper! Ahoi!”
En hij stapt in.
De anderen kruipen nu ook op het dek van het schip

Ze varen uit. Jan mag eerste stuurman zijn.
Jakob kan dan de toeter en de misthoorn doen.