Vormen van het werkwoord - oefening 3
Opdracht: vul het werkwoord in de juiste vorm in (tt)!
spelen
Het kindje
met een nieuwe pop.
bellen
Als het tijd is,
het en gaan we in de rij.
tonen
je mij die foto's een keertje?
koken
Wie
er lekker eten voor ons?
vragen
Jullie
veel te veel aan mij.
leren
Je moet goed
voor de toets van maandag.
maken
Vandaag zullen we een kleine omweg
.
vertellen
De juf
een spannend verhaal over een trol.
remmen
Hij kon niet tijdig
en botste tegen de paal.
pellen
Hé! Voorzichtig wanneer je dat eitje
!
Antwoord controleren
OK